Oude en jonge zielen – Christuszoekers en Michaëldienaars

Hans Peter van Manen

Er zijn van die boeken die actueler worden naarmate de jaren verstrijken. Oude en jonge zielen van Hans Peter van Manen is zo’n boek. Toen het 30 jaar geleden in het Duits verscheen, deed het nauwelijks stof opwaaien. Maar toen was de eenentwintigste eeuw nog niet aangebroken.

Vandaag wordt met de dag duidelijker hoe brandend actueel de thematiek van dit boek wel is. Joden en Palestijnen, moslims en Westerlingen, autochtonen en allochtonen, gelovigen en niet-gelovigen, fundi’s en realo’s, linksen en rechtsen – het zijn in wezen allemaal variaties op hetzelfde thema: dat van de oude en de jonge zielen.

De mensheid bestaat namelijk uit twee ‘soorten’ zielen, en van hun verstandhouding – vooral dan in de antroposofische beweging – hangt volgens Rudolf Steiner niets minder dan het voortbestaan van onze beschaving af. Zelden heeft hij zoveel nadruk gelegd op een onderwerp, zelden hebben zijn woorden zoveel weerstand ontmoet. Driekwart eeuw nadat hij het thema te berde bracht, is er nauwelijks een antroposoof die weet wat oude en jonge zielen zijn. En toch maakt het inzicht in de relatie tussen beide groepen het verschil tussen een vruchtbare samenwerking en een vernietigende vijandschap. Hoog tijd dus om het zielenthema onder het stof vandaan te halen en de plaats te geven die het toekomt.

« Terug


De Antroposofische Vereniging moet een vereniging van mensen zijn, die het zieleleven van de individuele mens en van de samenleving willen verzorgen op grond van een echt inzicht in de geestelijke wereld.

– Rudolf Steiner