Mijn brein denkt niet, ik denk

Mijn brein denkt niet, ik denk

Arie Bos

Het college dat mijn studenten neurofilosofie altijd het meest fascineert (en dat ze tegelijkertijd het meest haten omdat we er niet uitkomen) gaat over de vraag: hebben we een geest? En, zo ja, hoe verhoudt zich die tot het lichaam (inclusief het brein)? En maakt het uit wat we daarover denken? Precies die vraag staat centraal in het nieuwe boek van Arie Bos. Hij bekijkt de claims van veelbesproken neurowetenschappers en daagt de lezer uit tot een oordeel: waar staat u in dit debat? Geniet en onderzoek! (Prof. Dr. Jeroen Geurts, hersenwetenschapper aan het VU medisch centrum te Amsterdam). Arie Bos gelooft in een vrije geest. In dit uitstekend gedocumenteerde boek neemt hij het moedig op tegen gevestigde opvattingen. (Mark Mieras, wetenschapsjournalist gespecialiseerd in neuro wetenschap). Eindelijk een breinboek voor beide hersenhelften! Arie Bos rekent overtuigend af met de modieuze en naïeve veronderstelling dat we ‘ons brein zouden zijn’. Door de vele wetenschappelijke bevindingen in een groter perspectief te plaatsen, maakt Arie Bos overtuigend duidelijk dat het materialistische wereldbeeld achterhaald en onhoudbaar is. De mens is geen biologische computer, maar een bewuste schakel in een zinvolle, naar vrijheid strevende evolutie. (Klaas van Egmond, hoogleraar Milieukunde en Duurzaamheid aan de Universiteit Utrecht).

« Terug


Er zouden artikelen moeten verschijnen vanuit de meest verschillende standpunten, dat het eenvoudigweg van grote betekenis is voor het kind wanneer het pas tussen het achtste en negende levensjaar echt leert lezen. Men kan daar als voorbeeld aanhalen dat Goethe vóór zijn negende jaar niet kon lezen of schrijven … en dat daartegenover mensen die uiteindelijk zwakzinnig zijn geworden al op hun vierde, vijfde jaar konden lezen en schrijven.

– Rudolf Steiner – Bron: GA 300b – Ergänzungen zu den pädagogischen Grundkursen – Dornach, 15 maart 1922